Concept

Poster


Concreet gaat het bij de Interuniversitaire Literaire prijs om een schrijfwedstrijd voor alle studenten van de verschillende Vlaamse universiteiten. Het is onze missie de studenten die nu stiekem verhalen en gedichten neerpennen in bestofte schriften aan te sporen hun werk aan de wereld te laten zien en hun talent te laten groeien. Deelnemers kunnen werken inzenden in de categorieën poëzie en proza. Het onderwerp van de inzendingen is volledig vrij. Alle inzendingen worden beoordeeld door een vakjury, bestaande uit professoren, studenten en één auteur. De inzendingen die op de Uitreikingsavond als winnaars uit de bus komen, worden beloond met mooie prijzen.

Geschiedenis

De Interuniversitaire Literaire Prijs Babylon. Een hele mond vol, maar dan ook al een hele geschiedenis achter de rug. Je zou het misschien niet zeggen, maar de Literaire Prijs is ondertussen al aan zijn 34e editie toe!

Het begon allemaal in het academiejaar 1976-77. Toen introduceerden een aantal literatuurminnende studenten van de toenmalige letterenkring Germania (Germaanse filologie) voor de eerste keer een literatuurprijs voor studenten. Blijkbaar was dat meteen een voltreffer, want de Literaire Prijs werd een vaste waarde bij de studenten en een uithangbord voor de kring. In 1989 werd de prijs bovendien opengesteld voor alle studenten van de Vlaamse universiteiten en hogescholen en kwam er in de titel ook ‘Interuniversitair’ te staan.

In de loop der jaren werd er heel wat gesleuteld aan de formule en kende de Prijs ook wel eens een (kwantitatief of kwalitatief) minder jaartje. Zo probeerde men – naast de eeuwige, maar degelijke categorieën ‘proza’ en ‘poëzie’ – een keertje ‘drama’ en ‘kritiek & essay’ uit, maar dat bleek een kleine tegenvaller. Goed, daar leert een mens uit en vaste waarden zijn er om te blijven.

Er werden indrukwekkende jury’s gevormd om al dat aanstormend literair talent te beoordelen. Degelijke jury’s bestaande uit professoren, zoals Hugo Brems, Hugo Bousset en Yves T’Sjoen, studenten en auteurs met een palmares (die van de gelegenheid gebruik maakten om wat goede raad aan de jonge garde mee te geven), zoals Kristien Hemmerechts en Erik Spinoy bogen zich ieder jaar over de ingezonden letteren.

In 1999 kreeg de organisatie van Germania’s Interuniversitaire Literaire Prijs een stevige boost. Door de samenwerking met het literaire tijdschrift DWB (Dietsche Warande en Belfort) – dat altijd al op zoek is naar jong talent en nieuwe experimenten – en De Post, kreeg de kring een unieke kans om de Prijs te professionaliseren. Bijgevolg kwamen er in 2000 veel meer inzendingen toe uit alle hoeken van Vlaanderen, kon de Prijs uitpakken met een mooie affiche, rekenen op een uitgebreide mailing en veel persbelangstelling én maakten ze werk van een degelijke receptie (wat een ‘literaire nocturne’ moest worden) en een aanlokkelijke prijzenpot.

Naderhand ging de oprichtende kring Germania ter ziele, maar Babylon (kring van de nieuwe richting Taal- en Letterkunde) nam de fakkel over. Niet getreurd want de Nederlandse letteren blijken nog steeds te floreren wanneer in 2005 de eerste Interuniversitaire Literaire Prijs Babylon het licht ziet. De Literaire Prijs kan de laatste jaren rekenen op een kleine 200 inzendingen. De verworven professionalisering van Germania laat zich nog steeds voelen en de recente ontdekking van de combinatie woord, muziek en beeld om de uitreikingsavond op te luisteren, was ook een schot in de roos. Zo kwamen Klunen, Axl Peleman, Lenny en de Wespen en Aardvark de boel reeds met een streepje muziek ondersteunen. Bovendien konden we sinds 2005 ook van de komische filmpjes van Brecht Beheydt en Bert Oben genieten.

Ook dit jaar krijgt de Interuniversitaire Literaire Prijs een nieuw kleedje. Er worden namelijk veel veranderingen doorgevoerd die de continuïteit en het professionele karakter van de prijs moeten garanderen. Zo stellen we dit jaar een Beschermend Comité samen dat zorgt voor duurzame contacten in de literaire wereld en af en toe ook wat advies kan geven bij de organisatie van onze wedstrijd en onze activiteiten. Daarnaast werd ook de structuur van onze jury aangepast. In tegenstelling tot de vorige jaren worden de werken vanaf dit jaar nog slechts door één vakjury beoordeeld. Die zal bestaan uit 3 professoren/ prominente literatuurcritici, 3 studenten en 1 auteur. De Literaire Prijs evolueert ook mee met de tijd en de nieuwe media, want dit jaar introduceren we een nieuwe categorie: audiovisuele poëzie. De titel van de categorie werd met opzet heel vaag gehouden, omdat we de deelnemers vooral heel vrij willen laten en omdat we openstaan voor allerlei soorten creatieve combinaties. Hiermee willen we de studenten aanzetten om woord met beeld of geluid te combineren en ook op dat vlak de creativeit en het talent te laten stromen. De winnaars van deze categorie ontvangen een publieksprijs. Dat wil zeggen dat zij niet door een jury, maar wel door het publiek zullen worden beoordeeld. Vanaf 1 april kan iedereen zijn stem uitbrengen op onze facebookpagina voor zijn favoriete werk uit de categorie 'audiovisuele poëzie'.

Laten we na deze lange uitstap terugkeren tot de hoofdzaak: de Interuniversitaire Literaire Prijs is er voor de student. En de hoofdreden waarom studenten hun literaire aspiraties moeten inzenden, is omdat omdat talent gelezen mag worden en niet zomaar stiekem in bestofte schriften mag blijven zitten. Vele van de vroegere laureaten kenden succes na – of zelfs nog tijdens – hun studententijd. Af en toe bleek de anonieme winnaar of eervol vermelde in potentie dus een belangrijk schrijver, zoals daar zijn: Dirk van Bastelaere, Erik Spinoy, Koen Peeters, Leen Huet, Paul Demets, Paul Bogaert en Anne Provoost. Anderen die ooit deelnamen aan de Literaire Prijs gingen de academische toer op, zoals Ortwin de Graef (Departement Literatuurwetenschap KULeuven) en nog anderen maakten naam in de theaterwereld: Johan Reyniers (Kaaitheater), Sigrid Bousset (Kaaitheater, Jan Fabre, nu bij Het Beschrijf) en Bert Gabriëls (mede-oprichter Maastrichts gezelschap 101punt, nu bekend als stand-up comedian).

Meer recent zagen we Saskia de Coster bijvoorbeeld (proza, 1999), die nu haar plaatsje al verworven heeft in het literaire landschap, en jonge dichters als Jan Geerts (1996), Maarten De Pourcq (1999 en 2000) en Fransiska Louwagie (2002) die hun steentje bijdragen aan het poëtisch landschap. Ook Kris Lauwereys (2005) en Bo Vanluchene (poëzie én proza, 2007) mogen al met een aantal prijzen en publicaties pronken en zijn volop bezig aan hun poëtische carrière.

De Interuniversitaire Literaire Prijs heeft dus al heel wat te zeggen en zal nog heel wat van zich laten horen.